Zestig jaar lang deden ze alles samen. Reizen over de hele wereld, werken, het leven vieren. Nu, op de drempel van zijn tachtigste verjaardag, ziet het leven van Caty’s echtgenoot, Hugo, er totaal anders uit. Elke ochtend om 10:00 stapt hij een andere wereld binnen: die van de intensieve zorg bij Accolade Zorg in De Wijngaard. Maar hij weigert aan de zijlijn te staan. Voor hem betekent samen zorgen niet alleen toekijken hoe het zorgpersoneel hun werk doet, maar zelf de handen uit de mouwen steken. Van het behalen van zijn tillift diploma tot het maken van een praatje met medebewoners: hij voelt zich geen bezoeker, maar onderdeel van het team.

Geen bezoeker, maar partner in welzijn

De overgang naar het verpleeghuis was een noodzakelijke stap. Na een heupfractuur en een ziekenhuisopname, en met haar steeds verder vorderende mentale achteruitgang, kon Caty terecht in De Wijngaard. Hier is haar man iedere dag steevast aanwezig tussen 10:00 en 17:30. Deze aanwezigheid van Hugo op de de PG-afdeling is verre van passief. Waar veel buitenstaanders de zorg zien als een gesloten systeem waar je als naaste buiten blijft staan, heeft hij zichzelf er júist middenin geplaatst. “Ik heb er goed over nagedacht: doe ik wel genoeg om het samen zorgen te kunnen noemen?”, zegt hij. Die vraag leidde tot actie. Hij haalde zijn ’takeldiploma’ om Caty zelf te kunnen helpen bij het opstaan en verplaatsen. Niet alleen vanuit de wens om haar daarbij te helpen, maar ook om het zorgpersoneel te ontlasten.

Deze actieve houding zorgt voor een prettige samenwerking met het zorgpersoneel, waarvoor hij regelmatig zijn grote waardering uitspreekt. Er is een sfeer van gelijkwaardigheid en ontspanning op de afdeling. Ondanks zijn eigen medische achtergrond bemoeit hij zich niet met het beleid, maar trekt hij als partner samen met het team op in de dagelijkse begeleiding. Er is echt tijd voor een goed gesprek en het voelt alsof het verzorgen van Caty een gezamenlijke taak is geworden.

De kracht van beschaving

In de transitie van partner naar verzorger is het initiatief volledig bij hem komen te liggen. Hij is degene die het voortouw neemt en de koers bepaalt. Tijdens zijn dagelijkse bezoeken, ziet hij de essentie van zijn vrouw nog elke dag terug. “Innerlijke beschaving,” noemt hij het. Zelfs nu dementie en fysieke beperkingen steeds meer zichtbaar worden, blijft de kern van wie Caty is overeind. Als ze verzorgd is, bedankt ze de medewerkers steevast. Ze blijft vriendelijk, ook bij ongemakken. Die vriendelijkheid vormt de basis van haar karakter, maar is ook de basis waarop het ‘samen zorgen’ rust; het is makkelijker om de zorg te delen als er van alle kanten respect en vriendelijkheid is.

De drempel van de buitenwereld

Voor de buitenwereld is de werkelijke zwaarte van mantelzorg vaak lastig te begrijpen. Hoewel vrienden en kennissen trouw op bezoek komen, merken zij niet altijd wat er achter de schermen allemaal bij komt kijken. Veel mensen lijken zich niet bewust te zijn van wat het ziektebeeld inhoudt, hebben hiervan onvoldoende kennis of weten niet hoe ze hiermee om kunnen gaan. Om de drempel te verlagen, stimuleert Hugo bezoekers om met Caty te blijven praten. Dit houdt haar betrokken bij het gesprek en maakt duidelijk dat haar persoonlijkheid nog altijd aanwezig is.

Samenredzaamheid in de praktijk

Erica van Dijk, Projectleider Samenredzaamheid bij Accolade Zorg: “Het verhaal van Hugo en Caty is voor ons het ultieme voorbeeld van samenredzaamheid in de praktijk. Bij Accolade Zorg zien we naasten niet als bezoekers, maar als gelijkwaardige partners in welzijn. We kijken steeds vaker naar de rol die mantelzorgers en het eigen netwerk blijvend kunnen vervullen, op het moment dat een partner of moeder/vader komt wonen in één van onze locaties. We gaan daar als team over in gesprek met naasten, om te kijken wat er in de thuissituatie was aan informele ondersteuning en waar de wens ligt om het voort te zetten. Dat kan gaan om de daadwerkelijke zorg, zoals het ondersteunen bij transfer en douchen, maar dat kan zeker liggen in het blijven doen van activiteiten die men graag wil blijven doen. Ook werken we op alle locaties met een grote groep vrijwilligers; zij zetten zich op allerlei manieren in voor en met de bewoners. Samen zorgen wordt meer en meer gewoon en het uitgangspunt voor de zorg en aandacht van onze bewoners.”